Frits van Amersfoort: “Met een Verstappen gebeurt altijd iets exceptioneels!”

Gepubliceerd op 20 oktober 2014 door Bas Winckels

Het team van Frits van Amersfoort stond in het middelpunt van de belangstelling toen het, tegen alle verwachtingen in, bekend maakte dat het in 2014 met Max Verstappen zou deelnemen aan het FIA Formula 3 European Championship. Hoe het afliep, is inmiddels bekend: na een seizoen vol verrassingen, hoogtepunten en dieptepunten eindigde Max als derde in de eindstand van het kampioenschap. Het seizoen was bij tijd en wijle een emotionele achtbaan en biedt voldoende stof tot napraten. Dat doen we dan ook direct na de laatste race op de Hockenheimring met Frits van Amersfoort, teambaas en ‘pater familias’ van Van Amersfoort Racing.

Zijn analyse van het seizoen is kort en helder: “Hoe je het ook wendt of keert, het is buiten properties wat er allemaal gebeurd is dit seizoen. Het is bijna onvoorstelbaar. Maar je moet bijna vaststellen dat wat er met een Verstappen ook gebeurt, het altijd exceptioneel is. En daar raak je al bijna aan gewend. Het zal volgend jaar een gemis zijn.”

Van Amersfoort dicht Max een groot aandeel toe in het succes van het afgelopen seizoen. Zoveel zelfs, dat hij zichzelf en zijn team bijna wegcijfert. Valse bescheidenheid? “Ik denk het niet. We zijn als team ten opzichte van vorig jaar niet veranderd. Een autosportteam is net als een voetbalteam: als het allemaal goed in elkaar past, dan stijgt iedereen boven zichzelf uit. Maar met een raceteam is het ook zo en dat is dit jaar ook weer gebleken: je bent net zo goed als je coureur. En dat was voor ons dit jaar nu en dan lastig, omdat er best wel wat verschil zat tussen Max en de rest van het team. Ons doel is natuurlijk om de hele boel zo dicht mogelijk bij elkaar te krijgen. En bij bijvoorbeeld Carlin zie je dat zij de rijders veel dichter bij elkaar hebben zitten qua snelheid. Dus ik wil Max heel veel eer toedichten van het succes dit seizoen. Natuurlijk hebben we het met zijn allen gedaan en we hebben ook onze tegenslagen gehad, maar zonder Max was het toch wel een heel ander jaar geweest.”

“Natuurlijk zou ik graag willen zeggen dat de inbreng van het team van mega groot belang is geweest, maar dat zou onzin zijn”, vervolgt hij. En als een echte teambaas richt hij zijn blik ook alweer vooruit. “Nu moeten we proberen om in de komende tijd hier ons voordeel mee te gaan doen en zorgen dat we niet één ster in het team hebben, maar minstens twee of liever drie. Door Max kunnen we daar misschien wat makkelijker aan komen: ons sterke argument is nu dat we de data van Max hebben en dat we weten hoe hij het deed. We moeten zorgen dat we volgend seizoen iets hebben dat in de schaduw van Max kan gaan komen.”

Over het antwoord op de vraag wat voor hem het meest memorabele moment van het seizoen was, hoeft Van Amersfoort niet lang na te denken. Zonder aarzeling noemt hij de races op de Norisring. “Spa was natuurlijk al bijzonder. Maar de Norisring, dat wisten we van tevoren, die kende hij nog niet. En het weer dreigde ook roet in het eten te gaan gooien. En als je ziet hoe hij zich daar doorheen geslagen heeft, dat is volgens mij ook hetgene dat de doorslag heeft gegeven bij dr. Helmut Marko. Daar was Max niet een klein beetje indrukwekkend. Dat je met drie overwinningen op zak er nog gewoon even drie achteraan plakt, dat is bijzonder.”

Ook het dieptepunt komt in het gesprek al snel aan de orde. En iedere Verstappen-fan zal het met Van Amerfoort eens zijn dat ‘de motor’ het seizoen een heel ander aanzicht gaf. “Die motor heeft ons lelijk in de wielen gereden en dat is jammer. Hoe je het ook wendt of keert, het blijft een technische sport. We hebben het nog steeds over die motor. We weten geen van allen wat er gebeurd was als hij heel gebleven was, want dan had Max er op de Nurburgring gewoon drie gewonnen. Dan was het een heel ander spelletje geweest. Maar het is gebeurd, we kunnen het niet terugdraaien. En Max leert hierdoor ook om met tegenslagen om te gaan.”

Hoe bijzonder is het om gewerkt te hebben met eerst Jos en nu Max Verstappen? “De Verstappens zijn het toonvoorbeeld van het leven van autosport, 24 uur per dag en zeven dagen per week. Dat had ik 22 jaar geleden al ondervonden en nu weer. Nu weet ik ineens weer: oh ja, zo moet het eigenlijk. Je ziet dat maar bij weinigen terugkomen. Ik kan me voorstellen dat het bij Ocon thuis ook alleen maar over autosport gaat. Maar zo zijn er niet zoveel. Ik zal er wel in de toekomst alle potentiële rijders op wijzen: jongens, je moet autosport leven: 24 uur per dag en zeven dagen per week. Want dat doen ze. Het gaat nooit over iets anders.”

Max gaat na de race in Macau het team van Van Amersfoort verlaten en maakt de stap naar de Formule 1. Verwacht Van Amersfoort dat Max hierin succesvol zal zijn? “Daar ben ik totaal niet benauwd voor! Ik zie voor Max een mooie toekomst weggelegd. Natuurlijk zullen er nog wel wat drempels zijn waar hij overheen moet, maar dat hebben al die jongens. Ook Vettel: toen hij begon met Formule 1 was hij een andere Vettel dan die hij nu is. Iedereen rijpt. Maar wat er bovenal zo belangrijk is, en we hebben in Nederland natuurlijk zo vaak gezien dat dat niet aanwezig is, het allerbelangrijkste ingrediënt is talent! Dat doet het halve werk, zo niet driekwart van het werk. En daarvan hebben we in Nederland te veel voorbeelden gehad. Maar ja, als uiteindelijk het talent te kort schiet, dan gaat het niet lukken. En dat is wel hetgeen waar Max van bulkt en dat zal van doorslaggevend belang blijven op alle fronten. Toppers zijn toppers omdat ze gewoon weergaloos goed kunnen autorijden. “

Ook met de plaats waar Max terecht is gekomen, is Van Amersfoort heel tevreden: “Ik ben er heel gelukkig mee dat hij in de handen van Frans Tost is. Ik denk dat het voor Max in het begin heel prettig is dat hij in een Italiaanse omgeving zit: dat is toch wat meer familiair, net zoals hier. In de angelsaksische cultuur is het toch wat meer kil. Ik heb een heel goed gevoel bij Toro Rosso. Natuurlijk zal hij zich moeten blijven verbeteren op alle fronten. Natuurlijk zal hij ontdekken dat de Formule 1-wereld keihard is en dat het een grote slangenkuil is. Maar hij kan altijd terugvallen op Jos, die kent het klappen van de zweep. Hoe langer ik er over nadenk, hoe meer ik tot de conclusie kom dat het gewoon heel goed is. Ik ben er dan ook niet bang voor dat het met Max zal mislukken.”

In mei, op de Red Bull ring, interviewden we Van Amersfoort ook, en toen durfde hij Max nog niet te vergelijken met ‘dat ene Braziliaanse talent’. Hoe denkt hij daar nu over? “Ik ben er niet zo blij mee dat Helmut Marko dat wel heeft gezegd, want ik vind dat een last op die jongen zijn schouders leggen. Senna is een icoon en dat zal hij altijd blijven. En als Max met hem wordt vergeleken, nou, ga er maar aanstaan! Maar goed, het is nu uitgesproken en ik ben het er wel mee eens.”