Formule 1 daagt Formule 1 voor de rechtbank

Gepubliceerd op 22 juni 2004 door Jo Vleugels

Dingen die in het normale bedrijfsleven ondenkbaar zijn gebeuren in de Formule 1 wereld schijnbaar wel. Naar nu blijkt heeft de SLEC, eigenaar van de commerciële rechten van de Formule 1, de Formula One Holdings Ltd. (FOH) voor het High Court of Justice in Londen gedaagd.
De FOH is een 100% dochter van de SLEC zodat het moederbedrijf haar eigen dochter aanklaagt.

De achtergronden hiervan zijn zeker weer curieus te noemen. SLEC wordt momenteel beheerd door een consortium van banken, die 'per ongeluk' eigenaar van Formule 1 zijn geworden na het debacle en faillissement van het Kirch concern. De banken worden echter van het kastje naar de muur gestuurd door Bernie Ecclestone en krijgen totaal geen beeld van wat er precies speelt binnen het bedrijf. Zo heeft Bernie Ecclestone steeds geweigerd om de namen van de directie van de Formula One Holdings Ltd. vrij te geven. Niemand weet dus wie deze dochteronderneming van de SLEC beheert en bestuurt.

Aanklachtpunt in de rechtszaak die door de banken is aangespannen tegen de FOH is dan ook het vrijgeven van de namen van de directie. Nota bene van een bedrijf dat eigenlijk eigendom van de banken is.
Puntje bij paaltje genomen is Bernie Ecclestone slechts een stroman. Sinds het grootste deel van de SLEC aandelen naar de banken is overgegaan is het enkel aan de angst van de banken te danken dat Bernie er nog is. De banken denken namelijk zelf het ingewikkelde wereldje niet te kunnen beheren en zijn blij dat Bernie het voorlopig doet. De feitelijke zeggenschap van Ecclestone is vrijwel nihil, typisch is echter dat bijna iedereen doet wat hij zegt.
De voorzitter van de SLEC, Dr. Gerhard Gribkowsky, directielid van de BayernLB bank, weigert elk commentaar op deze pijnlijke rechtszaak. Het blijkt nu immers dat de banken al tijden geen enkel idee hebben over de structuur binnen hun bezittingen.


De 'échte' voorzitter van Formule 1, Gerhard Gribkowsky, wie kent hem?

Net omdat de autofabrikanten en de banken elkaar voor geen millimeter vertrouwden, kon Bernie Ecclestone het spelletje spelen. De banken spreken wel vermoedens uit wat er binnen het dochterbedrijf speelt. Zo schijnen McLaren-Mercedes, BMW-Williams en Ferrari uitkeringen bedongen te hebben tussen de 20 en 110 miljoen dollar. Deze uitkeringen zouden in een apart contract met Ecclestone zijn opgenomen en helemaal buiten de normale verdeling van de gelden zijn omgegaan.
Officieel zouden het terugbetalingen van schulden uit vroegere jaren zijn die Ecclestone nooit aan de grote teams heeft terugbetaald. Ecclestone zelf zegt echter dat het extra gelden waren om de grote teams ervan te weerhouden een eigen serie te starten.

Ziehier de reden waarom de kleine teams ondanks alles achter Ecclestone blijven staan. Ze weten dat ze bedrogen worden, maar zijn bang dat dit met de autofabrikanten aan de macht enkel nog erger wordt.

Jo Vleugels